Weglopen van strafplek

Wij sturen onze zoon (3 jaar) naar 'strafplaats' als hij het al te bont maakt. Soms eventjes als time-out. Soms langer als hij dingen kapot heeft gemaakt. Het probleem is alleen dat hij steeds weg loopt van die nadenkplaats. Hoe zorgen we ervoor dat hij er blijft? En wat zijn passende straffen voor een peuter?

Een time-out is bedoeld om een kind even tot zichzelf te brengen en om het ongewenste gedrag stop te zetten. Een kind moet naar een andere ruimte waar het bij voorkeur saai is. Even op de gang of op de trap zitten. De plaats waar hij vandaan moet – vaak is dat de woonkamer - blijft daardoor leuk voor de rest. Een time-out moet bij voorkeur kort zijn: hooguit een paar minuten. Ouders kunnen een precieze tijd afspreken of afspreken dat het kind zelf weer terug mag komen als het weer rustig en gezellig mee denkt te kunnen doen. In dit geval is gekozen voor een afgebakende tijdsperiode. Het probleem is echter dat een kind niet zomaar op die plaats blijft. Hoe zorgen ouders ervoor dat het kind gehoorzaamt?

In het algemeen zal een kind dingen die voor hem belonend zijn, vaker doen. Daarentegen zal hij zal stoppen als hij nadeel ondervindt van een bezigheid. Voor een kind is het zitten op een saaie plek niet aantrekkelijk: hij kan wel leukere dingen bedenken. Daarom gaat het van die plaats af op zoek naar spannendere activiteiten of op zoek naar aandacht. Dat is allemaal leuker dan blijven zitten. Als het verder geen negatieve consequentie oplevert, zal hij de volgende keer ook van zijn ‘nadenkplaats’ weglopen. Weglopen is immers leuker dan netjes drie minuten wachten.

Om dit weglopen te veranderen moet het weggaan van de afgesproken plaats nadelig voor het kind worden. Anders gezegd: het moet hem niet langer voordeel opleveren. Een mogelijke manier is hem terug te leiden naar de time-outplaats en hem te vertellen dat de tijd weer opnieuw begint te lopen. Pas als hij daar in drie minuten gezeten heeft, mag hij terugkomen. "Je kunt beter blijven zitten, anders duurt het voor jou alleen maar langer voordat je weer terug mag komen." Om een peuter te helpen bij hoeveel tijd dat is, kan eventueel een kookwekker ingesteld worden. Als een ouder consequent en duidelijk is, zal een kind meestal eieren voor zijn geld kiezen en zich neerleggen bij de drie minuten nadenktijd.

Lukt dit niet en blijft een kind weglopen, dan is het tijd voor een andere maatregel. "Moet je eens luisteren. Jij gaat telkens weer weg uit de gang. Als je niet gewoon naar mij kunt luisteren, moet je de volgende keer maar naar de schuur of naar je kamer. Dan kan ik de deur dichtdoen. Je moet daar dan wel twee keer zo lang blijven omdat je niet geluisterd hebt." Sommige kinderen zijn zo boos dat ze de deur open doen. Omdat het erom gaat wie de baas is, is het soms nodig de deurklink tegen te houden totdat het kind eindelijk luistert.

Het beste is uiteraard dit soort confrontaties te voorkomen. Het hoort bij de peuterleeftijd om de strijd aan te binden omdat de eigen wil zich ontwikkelt. ‘Nee’ zeggen hoort daarbij. De wil ontwikkelt zich. Toch is het juist in deze periode essentieel dat een kind leert dat niet hijzelf het roer in handen heeft, maar dat hij zich leert overgeven aan de leiding van ouders. Daarbij is het beter om patstellingen zoveel mogelijk te voorkomen en de neuzen dezelfde kant op te krijgen. Confrontaties leveren in de peuterleeftijd vaak alleen maar verliezers op .

Het kan gebeuren dat er vervelende dingen plaatsvinden, zoals bladzijden uit een boek knippen of het omgooien van een mooie vaas die daarop sneuvelt. In dit soort situaties mag een kind gerust de wind van voren krijgen en merken dat ouders hier boos over zijn. Houd het wel bij het gedrag van het kind en kraak hem niet als persoon af. Dus niet "Wat ben jij toch een akelig kind, ga alsjeblieft weg!" maar "Ik vind het heel erg naar dat je dit stuk hebt gemaakt".

Heeft het kind iets verkeerds gedaan, dan is het belangrijk dit later in orde te kunnen maken. Als hij niet weet hoe je een excuus kunt maken, doe het dan voor. Eventueel kan een kind zelf bedenken wat hij verder kan doen om de ander weer blij te maken. Sommige kinderen lenen hun lieve knuffel een poosje uit. Of gaan de ander over het haar strelen tot die weer blij kijkt.

Doorgaans zijn die straffen het best die iets te maken hebben met de overtreding. Peuters zijn nog maar klein en kunnen geen compensatie in de vorm van geld of werk aanbieden. Het is soms gewoon uitproberen wat werkt of niet. Elk kind heeft een unieke gebruiksaanwijzing en soms is er langere tijd nodig om te ontdekken wat geschikt is voor een kind.

Tips om confrontaties te voorkomen:

  • Daag je peuter uit. "Laat eens zien hoe snel jij ….."
  • Biedt twee acceptabele keuzen aan waaruit hij mag kiezen.
  • Leid hem af met iets anders of door liedjes te zingen.
  • Wek de nieuwsgierigheid op. "Zo meteen heb ik nog iets leuks te vertellen. Trek jij even je pyjama aan, dan vertel ik het."
  • Pas oma’s wet toe: eerst de minder leuke dingen, dan de leuke. "Als jij de jas even ophangt, schenk ik drinken voor jou in."

> Alle opvoedvragen