Omgaan met teleurstelling - jong kind

Onze zoon (7) kan slecht omgaan met teleurstellingen. Hij wordt snel boos en blijft vaak lang mokken. Ook is hij snel jaloers op zijn broertje (6) en doet hem pijn. Als we hem corrigeren, heeft hij altijd een weerwoord. hoort dit gedrag bij zijn leeftijd? We proberen hem extra aandacht te geven, maar dan hebben we het idee dat we zijn broertje tekort doen.

Opvoeden is echt niet gemakkelijk. Er kan een sfeer in huis ontstaan van geruzie en van nijd. Het is voor ouders heel lastig om dan positief te blijven en zelf niet mee te gaan in de boosheid van kinderen. De ouders stellen de vraag of het bij de leeftijd hoort. Dat denk ik niet, maar ik zie wel een aantal factoren die het gedrag van hun zoon - ik noem hem Sem - versterken. In de eerste plaats is het een gevoelig jochie, in de tweede plaats heeft hij een broertje dat in leeftijd kort op hem zit, en in de derde plaats proef ik aarzeling in het leiderschap.

Sem is een gevoelige jongen. Hij neemt veel uit de omgeving in zich op en is trekt zich dingen snel aan. Sem is ook een onzekere jongen. Hij is erg vatbaar voor commentaar en voelt zich snel achtergesteld. Zijn gedrag laat zien dat hij te weinig zelfvertrouwen heeft. Als hij voldoende zelfvertrouwen had, zou hij leren van teleurstellingen (zo moet het dus kennelijk niet) en van successen (zo moet het wel). Maar zo werkt het bij Sem niet. Hij heeft te weinig zelfvertrouwen, waardoor hij negatieve dingen overdrijft. Als iemand een negatieve opmerking maakt, dan ervaart hij het alsof iedereen lelijk over hem denkt. De positieve dingen, complimenten bijvoorbeeld, landen juist minder goed. Dit mechanisme is maakt dit het extra moeilijk om zelfvertrouwen te vergroten. Dit is geen onwil bij Sem, maar onmacht.

Om dit patroon te doorbreken, moet Sem meer het gevoel krijgen dat hij er mag zijn zoals hij is; dat hij iets voorstelt en dat anderen niet alleen maar negatief naar hem kijken. Ouders hebben niet in de hand wat er op school gebeurt, maar wel kunnen ze thuis onvoorwaardelijke liefde laten merken. Want dit is voor het opbouwen van zelfvertrouwen erg belangrijk. Onvoorwaardelijke liefde zegt: "Sem, we zijn blij met jou! Niet om iets wat je doet, maar gewoon om wie je bent!" Die liefde kan op verschillende manieren blijken, bijvoorbeeld door het zéggen, door lichamelijk contact of door tijd en aandacht aan hem te besteden. Zo merkt Sem: mijn ouders houden van mij! Geef hem speciale voorrechten omdat hij de oudste is: iets later naar bed, speciaal met hem nog iets doen. Op andere tijden van de dag kunnen de andere kinderen meer aandacht krijgen.

Het tweede dat speelt is dat hij zijn broertje dicht bij hem zit. Jongens hebben de natuurlijke neiging om zich aan elkaar te meten. Ze willen weten wie het sterkst is of wie het snelste is. Ze houden nauwlettend de hiërarchie in de gaten en doen moeite om bovenaan te staan.

Om aan deze behoefte tegemoet te komen, kun je gelegenheid geven om zich lichamelijk te meten: door een balspel, fietsen of rennen. Daaruit zal waarschijnlijk blijken dat Sem beter presteert. Prima, hij is ook de oudste. Lichamelijke inspanning verbruikt op een toelaatbare manier de energie. Op andere momenten mag hij zich niet meer meten. Dan hebben ouders het voor het zeggen.

In de brief staat een goed voorbeeld van hoe het mis kan gaan. In het weekend mogen de kinderen 's morgens in bed komen liggen. Sem ligt meestal in het midden: de favoriete plek. Als zijn broertje net eerder is en al die plaats ligt, legt Sem zich daar niet bij neer. Hij moet en zal dat plaatsje hebben. Hij verwijt dat zijn ouders altijd zijn broertje voortrekken. Dat is natuurlijk helemaal niet zo, want veruit de meeste keren ligt hij in het midden.

Dit brengt met op het derde punt over de leiding in het gezin. Als er een duidelijke leider in een groep is, zullen jongens zich daarbij neerleggen. Dan hoeven ze zelf niet naar de hoogste plaats van leider te staan, want die is immers bezet. Treden ouders aarzelend op en weten ze niet zo goed welke regels ze moeten stellen, dan pakt een kind als Sem zijn kans.

Als ouders daarentegen leiding nemen over de plaatsverdeling, dan zal Sem niet zoveel stennis hoeven schoppen. Doet hij dat toch, dan moet duidelijk zijn dat hij helemaal niet mag bepalen wie er in het midden ligt. Het is niet zijn bed! Als hij er bij wil, dan kan hij rustig gaan liggen op een vrij plaatsje. Zo niet, dan gaat de kamer maar uit. Hij mag niet het plezier voor de anderen bederven.

Als Sem teleurgesteld is, kan hij lang mokken. Wat hiermee te doen? Aan de ene kant teveel aandacht voor dit passieve verzet niet goed omdat dit belonend werkt. Aan de andere kant kan het helpen om hem een zetje te geven. Bijvoorbeeld door even naar hem toe te gaan en te laten merken dat je van hem houdt (door aanraken of door te zeggen) en dan uit te nodigen om iets te gaan doen. Vaak bereik je een kind gemakkelijker met humor dan met een bevel. Misschien kun je nieuwsgierig maken door aan te kondigen dat je een speciaal liedje gaat zingen of een verhaaltje gaat vertellen. "Kom maar onder je deken vandaan, dan zal ik je iets leuks laten zien." Zo voorkom je hopelijk een patstelling waarbij je beiden tegenover elkaar staat. Een kind als Sem zal niet snel opgeven omdat dit gezichtsverlies voor hem betekent.

Als Sem op slot zit, kun je hem helpen door zijn gevoel te benoemen. "Ik zie dat je boos bent."" Ik zie dat je het vervelend vindt dat..." Als Sem dit soort dingen hoort, dan voelt hij zichzelf eerder begrepen, maar zorgt er ook voor dat zelf meer controle krijgt. Het gevoel dat er groot en massaal ligt, krijgt een naam.

Sem heeft de neiging om te verwijten: jullie geven mij altijd de schuld. Ontkracht dit, maar ga verder geen discussie aan. Je hoeft met hem niet alles te beredeneren. Sem moet zich overgeven aan de leiding van zijn ouders.

Leer hem dat niet alles kan. Als hij zich misdraagt of brutaal is, laat hem dan even tot zichzelf komen op een plaats waar hij kan bedaren. Dit is iets basaals. Een kind moet daarin gehoorzamen. Als hij weer gezellig mee kan doen of normaal kan praten, dan mag hij weer terugkomen.

Leer een kind ook dat hij excuus moet maken als hij een grens over gegaan is. Dit hoort er in het leven bij: dat je het met elkaar weer goedmaakt. Overigens zijn ouders daarin een voorbeeld. Helaas gebeurt het ons allemaal dat we de mist ingaan. Als we te boos zijn geworden, moeten ook wij het weer in orde maken.

Tips:

  • Laat onvoorwaardelijke liefde blijken
  • Schep gelegenheid om onderlinge krachten te meten
  • Neem zelf duidelijke leiding
  • Laat een kind geen gezichtsverlies lijden
  • Ga niet redeneren
  • Nodig uit tot meedoen
  • Leer excuus te maken
  • Geef complimenten voor wat goed gaat

> Alle opvoedvragen